Perziken ontvellen
Perziken kun je, net als tomaten, heel gemakkelijk ontvellen door ze in te kruisen met een scherp mesje en vervolgens ca 10 seconden onder te dompelen in kokend water.
Bananen rijpen
Een onrijpe banaan of mango wordt snel rijp door ‘m samen met een kiwi in een afgesloten plastic zakje te stoppen.
Fruit drogen
Zelf gedroogd fruit maken kan gemakkelijk door dunne plakjes te snijden van bijvoorbeeld een banaan of appel en deze ca 45 minuten in een oven van 100 graden te leggen.
Snelle ijs-shake
Voeg voor een lekkere ijs-shake stukjes bevroren fruit toe aan bijvoorbeeld een shake van yoghurt en vruchtsap. Vries hiervoor (gepelde!) banaan of frambozen in en voeg deze in bevroren toestand toe aan de shake. De blender maalt het bevroren fruit direct fijn en u krijgt een heerlijk koele shake.
Ontbijtkoek om uw gehakt mee aan te maken
Gebruik eens een plakje ontbijtkoek om uw gehakt mee aan te maken, in plaats van broodkruim of paneermeel. Het geeft een specifiek smaakje mee aan het vlees, dat erg lekker is. Je kunt ontbijtkoek ook prima gebruiken om sauzen iets te binden en tegelijkertijd een bijzonder smaakje te geven. Ook heerlijk is een dun plakje koek, gedroogd in de oven op 100 graden, en krokant geserveerd bij bijvoorbeeld wild of een dessert.
Cornetje
Een van vetvrij papier gevouwen ‘cornetje’ is heel handig om te gebruiken bij het versieren van uw (dessert-) gerecht. Zo’n cornetje maakt u door een driehoek te vouwen van vetvrij papier (zorg voor 1 hoek van 90 graden die een zijde van ca 20 cm en 12 cm verbindt). Pak de 90 graden hoek tussen duim en wijsvinger en laat de punt omlaag wijzen. Rol vervolgens met de andere hand de korte rechte zijde van boven naar beneden op totdat u een mooi puntzakje heeft. Vouw de lange punt die nu aan de bovenzijde naar bovensteekt naar binnen en het zakje zit vast. Als u hierin uw vloeistof – bijvoorbeeld gesmolten chocolade – giet, kunt u hier mooie fijne lijntjes decoreren op het bord, naast en over het gerecht.
Vlees kent diverse manieren van bereidingen. In recepturen komt u deze bereidingen vaak tegen. Voor alle duidelijkheid zal ik een aantal belangrijke bereidingen kort toelichten. Ik wens u veel kookplezier!
Braden van vlees
Schroei het vlees in lichte gebruinde, uitgebruisde boter aan alle zijden dicht. Voeg vervolgens iets boter toe en temper het vuur. Keer het vlees regelmatig en overgiet het af en toe met braadboter. Plaats bij het braden het deksel van de braadpan goed schuin op de pan. Het vlees kan ook, na het aanbraden, in een braadslede (in de oven) verder gebraden worden. Haal na het braden het vlees uit de braadpan of - slede. Blus de braadboter met water of ander vocht af om eventueel een jus te maken. Laat het vlees circa 10 minuten rusten voordat het wordt aangesneden. Snijd het vlees altijd met een ongekarteld mes. Hierdoor blijven de vleessappen behouden.
Een braadpan moet een dikke bodem hebben. die zorgt ervoor dat de hitte van het vuur regelmatig verdeeld wordt. Het vlees moet wel de ruimte hebben in de pan en mag niet bekleomd tussen de zijwanden liggen. Doet die situatie zich voor, bijvoorbeeld bij een grote rollade, dan kunt u beter uitwijken naar de oven en het vlees in de braadslede leggen of op een rooster boven de braadslede. De braadslede vullen met water en kruiden of bouillon. Dot geeft het vlees extra smaak. Bovendien treedt hierdoor minder gewichtsverlies op.
Braden doen we onder andere met gehakt, rollade, fricandeau en kalfsborst.
Smoren
Zout, kruid en bebloem het vlees. Schroei het in uitgebruisde en lichtbruine boter aan weerszijden dicht en bak het samen met een bouquet van prei, ui, wortel en diverse kruiden (bijvoorbeeld peperkorrels en verse groene kruiden) bruin. Neem het vlees uit de pan en blus de braadboter met een weinig water. Doe het vlees terug in de braadpan of - slede en smoor het met gesloten deksel of in de oven zachtjes gaar.
Bakken
Laat in een passende pan boter uitbruisen en licht bruinen. Stem het formaat van de pan af op de hoeveelheid vlees die wordt bereid. In een te grote pan verbrandt de boter, in een te kleine pan wordt het vlees niet gelijkmatig gebakken. Schroei het vlees aan weerszijden dicht en temper het vuur. Blijf met het vlees over de bodem van de pan schuiven en keer het regelmatig. Prik echter nooit met een vork of mes in het vlees, maar gebruik een spatel. Bak het vlees tot het vereiste gaarpunt (ca. 5 tot 7 minuten). Neem het vlees vervolgens uit de pan en blus de bakboter eventueel af met water of ander vocht.
Voor bakken gebruiken we een open pan - een koekenpan - met een dunne bodem. dan is de boter snel heet. Het vlees mag niet tegen de rand liggen, want dan wordt het niet gelijkmatig bereid. bak daarom grotere porties vlees in twee keer.
Bakken doen we met kleinere stukken mals vlees zoals biefstuk, schnitzel en kalfsoester.
Roerbakken
Kleine stukjes vlees, maar ook bijvoorbeeld groenten, kunnen heel gemakkelijk en snel worden klaargemaakt in een wadjan of in een wok. Dit is een wijde pan met een ronde bodem, meestal gemaakt van plaatstaal of gietijzer of met een anti-aanbak-laag. Door de vorm van de pan is minder vet bij de bereiding nodig. Laat in de pan boter of olie op temperatuur komen en schroei op hoog vuur het vlees snel dicht. Beweeg het vlees voortdurend met een spatel heen en weer.




